’t Is nu de IJzeren teelt op aarde, nooit van zwoegend zorgen vrij.
Kommer wekt ons elken ochtend, blijft ons elken avond bij.
’t Godendom, den mens vijandig, zendt gestaag hem nieuwen druk.
Is die somtijds nog gelenigd door een mengsel van geluk,
Dit, ook dit, zal eens verdwijnen, ’t jammer groeien steeds in kracht,
Tot der Goden Vorst van de aarde weg zal doen ook dit geslacht
Dan, wanneer zich om de slapen van het pas geboren kind
Reeds vertonen zal de grijsheid, die men bij stokouden vindt;
Dan, als tussen kroost en oud’ren de eendracht langer niet bestaat;
Als voor liefde in ’t broederharte zich zal vesten broederhaat;
Als de teed’re band der vriendschap niemand meer aan and’ren hecht;
Als de vreemd’ling met zijn gastheer fel zal treden in gevecht;
Dan, als de afgeleefde vader smaad moet lijden van den zoon,
Die, voor al zijn trouwe zorgen, vergelden durft met hoon,
’t Schuldig voedsel hem durft weig’ren, gans van deugd en plicht ontaard,
Zich aan ’s Hemels vloek niet kreunend, dien hij op het hoofd zich gaârt;
Dan, als ieder gans verwaten ’t recht zal zoeken in zijn vuist,
Niets beminnen zal dan oorlog, die der steden wal vergruist;
Als voor eed en trouw en waarheid niemand achting meer betoont,
Maar het volk den stoutsten booswicht liefst met eer en luister kroont;
Als noch deugd bestaat noch schaamte, meineed ieder pleit beslecht,
En de braafste man door listen blijft verstoken van zijn recht;
Als boosaardig en vijandig, bleek van wangen, hol van oog,
Steeds de Nijd bij allen rondwaart, zoekend wien ze last’ren moog’.
Dan zal ’t maagd’lijk paar Godinnen, Eerbaarheid in ’t blank gewaad,
Met Rechtvaardigheid, haar zuster, gruwend van der mensen kwaad,
Eind’lijk stijgen naar den Hemel, waar het Godendom ze wacht.
Heul, noch toeverlaat, noch redding, blijft er dan voor ’t aards geslacht.

Zo verhaalde Hesiodus in zijn Werken en Dagen omstreeks 700 v.Chr. dat boven zo meesterlijk in Nederlandse hexameters is overgezet geweest door D. J. van Lennep.
In deze woorden begint het verhaal der vereniging en tevens haar zingeving en oogmerk. Naar ons inzien is, nu het Geloof als uitgangspunt sinds lang weggenomen is, de willekeur tot gids gemaakt, eigenwijsheid en plichteloosheid tot credo verheven, en men alle verantwoordelijkheid en gehoorzaamheid opgeheven heeft, het voorname bederf des Lands gelegen in de miskenning der heilheilige rechten des mensen in samenleving.
Daartoe waakt de Rooms Oecumenische Stichting (ROS) over mensen en zeden, is zij de weerzinwekkende onverdraagzaamheid en ontwaarding onzer geschiedenis en Diede, alsook de ontkenning der zedelijke en beschavende macht onzes Zedendoms immer wederwaardig.
Of het nu een huisvestingsmaatschappij is die u het leven zuur maakt, of een medewerker die u kwelt op de werkvloer, u hulp wenst bij uw dossieropbouw aangaande zulke zaken, de deuren der vereniging staan voor u open. Twijfel niet langer en kom met ons spreken.
